ontdek onze werkwijze
In ons vluchthuis krijgen gezinnen de kans om op adem te komen, samen met hen bekijken wij hoe het verder moet na de belangrijkste 1ste stap voor hen, het verlaten van het geweld.
In de praktijk wil dit zeggen:
Wij zorgen voor een rustige, niet-vragende ontvangst, want mensen komen vaak getraumatiseerd, verward of bang aan.
Wij beoordelen snel of er acuut gevaar is: een stalker, een dreiging, of de nood aan politie-inschakeling.
Wij verzamelen kerninformatie: wie er mee is, waarom men vlucht, de situatie van geweld, medische zorgen, kinderen…
Elk slachtoffer krijgt een vertrouwenspersoon: iemand van ons team die hun aanspreekpunt blijft die week.
Binnen 24 uur stellen wij een crisisplan op: wat de planning is voor de rest van de week en welke opvangmogelijkheden er zijn nadien: familie, netwerk, crisiswoning, enzovoort.
Wij overlopen samen de nodige documenten: identiteitskaart, bankkaart, attesten van de kinderen…
Wij bieden luisterende gesprekken: zonder druk, maar met volledige aandacht. Dit gebeurt met onze maatschappelijk werker of psycholoog.
Voor de kinderen is er observatie én een apart gesprek met hen. Kinderen beleven de vlucht vaak heel anders dan de ouder.
Wij leggen de nodige zorglinks: doorverwijzing naar een huisarts, traumapsycholoog, jurist, hulpverlener… waar en wanneer nodig.
Wij brengen de materiële noden in kaart: kledij, voeding, medicatie, schoolgerief… Wat heeft iemand op dit moment concreet nodig?
Wij overlopen ook het budget samen. Heeft de persoon toegang tot geld? Indien niet, bekijken wij of er dringend hulp via het OCMW ingeschakeld moet worden.
Op juridisch en administratief vlak bekijken wij samen wat er nodig is. Is er al aangifte gedaan? En zo niet, hoe en waar kan dat? Zijn er juridische stappen vereist, zoals een contactverbod of een procedure bij de familierechtbank? Wij bekijken ook of er al contact is met een advocaat of slachtofferhulp, en leggen uit welke rechten er zijn rond opvang, uitkering en urgentieprocedures.
Wij sluiten de week af met een eindgesprek: wat is er gelukt, en wat heeft de persoon nog nodig? Zo vertrekken zij niet met lege handen, maar met een helder zicht op de volgende stappen. Wij zorgen voor duidelijke opvolging met hulpverlening die betrokken blijft.
Binnen onze vzw begeleiden wij vrouwen, kinderen en gezinnen die te maken hebben met intrafamiliaal geweld of ernstige relationele spanningen. Bij de opmaak van een ouderschapsplan vertrekken wij niet vanuit abstracte gelijkwaardigheid of neutraliteit, maar vanuit één duidelijke prioriteit: de veiligheid en de rechten van het kind.
Binnen onze vzw begeleiden wij vrouwen, kinderen en gezinnen die te maken hebben met intrafamiliaal geweld of ernstige relationele spanningen. Bij de opmaak van een ouderschapsplan vertrekken wij niet vanuit abstracte gelijkwaardigheid of neutraliteit, maar vanuit één duidelijke prioriteit: de veiligheid en de rechten van het kind.
Wij werken nauw samen met een netwerk van ervaren hulpverleners. Voor juridisch advies doen wij onder andere beroep op Yolande Nachtegaele, gewezen jeugdrechter en ere-magistraat. Deze samenwerking garandeert dat elk ouderschapsplan niet alleen zorgzaam, maar ook juridisch onderbouwd is.
In situaties van hoog conflict of (extreem) geweld werken wij met het SIO-model: strategisch individueel ouderschap van Helga Smet. Dit model biedt een helder en realistisch kader dat vertrekt vanuit de praktijk, niet vanuit idealen.
Waar veel methodieken uitgaan van gelijkwaardigheid tussen ouders, stelt het SIO-model één essentiële vraag centraal: wat doet elke ouder concreet in zijn of haar ouderrol? Per ouder wordt zorgvuldig bekeken in welke mate hij of zij in staat is om veiligheid te garanderen, stabiliteit te bieden en kindgericht verantwoordelijkheid op te nemen.
Het uitgangspunt is duidelijk: zonder veiligheid is er geen basis voor samenwerking. Pas wanneer de veiligheid van het kind gegarandeerd is, kan er gewerkt worden aan contact en eventuele vormen van co-ouderschap.
In situaties waar er sprake is van onveiligheid of controle, focussen wij ons eerst op het herstellen en waarborgen van de veiligheid, het versterken van de positie van de veilige ouder, en het bepalen van duidelijke voorwaarden rond contact.
Wanneer er geen sprake is van onveiligheid, ondersteunen wij ouders in het uitwerken van een werkbare samenwerking in het belang van het kind. Wanneer veiligheid onder druk staat, kiezen wij resoluut voor bescherming en duidelijke grenzen.
Onze vzw biedt pedagogisch onderbouwde ondersteuning bij omgangswissels in het kader van scheiding, met bijzondere aandacht voor situaties waarin spanningen tussen ouders hoog oplopen.
Wanneer overdrachten niet via school verlopen maar aan de woonst van een ouder plaatsvinden, kan dit een moment van verhoogde stress en conflict zijn. In deze kwetsbare overgangsmomenten zetten wij een neutrale, professioneel omkaderde aanwezigheid in via een opgeleide vrijwilliger. Die begeleidt de wissel fysiek en relationeel, met focus op de-escalatie, voorspelbaarheid en emotionele veiligheid.
Kinderen worden op deze manier beschermd tegen herhaaldelijke blootstelling aan spanningen, discussies of conflicten aan de deur, momenten die vaak onderschat worden in hun impact op het welbevinden en de ontwikkeling van het kind. Interouderlijk conflict in aanwezigheid van het kind wordt verminderd, grenzen en structuur tijdens de overdracht bewaakt, en loyaliteitsconflicten of parentificatie zoveel mogelijk voorkomen.
Door deze begeleiding ervaren kinderen meer rust en continuïteit tussen verblijfsperiodes. De emotionele belasting daalt, escalaties nemen af en de mentale veerkracht van het kind wordt versterkt.
Onze begeleiding is laagdrempelig, flexibel en steeds afgestemd op de noden van het kind en het gezin. Wij grijpen niet in waar het kan, maar begrenzen waar het moet; met het belang en de veiligheid van het kind als leidend principe.
Onze vzw zet zich actief in voor de versterking en afdwingbaarheid van de rechten van het kind; in onze dagelijkse werking, maar ook op juridisch en politiek niveau
Onze vzw zet zich actief in voor de versterking en afdwingbaarheid van de rechten van het kind — in onze dagelijkse werking, maar ook op juridisch en politiek niveau. Vanuit onze praktijkervaring met intrafamiliaal geweld en hoogconflictsituaties signaleren wij structurele tekortkomingen die een geïntegreerde en kindgerichte benadering in de weg staan. Wij ondernemen concrete stappen om deze tekortkomingen zichtbaar te maken en aan te pakken.
In dat kader heeft onze voorzitster zich burgerlijke partij gesteld tegen de Belgische staat om structurele wanpraktijken binnen de familierechtbanken aan te kaarten, in het bijzonder waar de veiligheid en het welzijn van kinderen onvoldoende worden gewaarborgd.
Wij stellen vast dat er een fragmentatie bestaat tussen het strafrecht en het familierecht, waarbij geweldsfeiten niet steeds in hun volledige impact op het kind worden beoordeeld. Kinderen in dossiers van partnergeweld worden vaak niet erkend als directe slachtoffers, ondanks aantoonbare traumatische blootstelling. Beslissingen inzake verblijfsregelingen vertrekken soms vanuit formele gelijkwaardigheid of strategische motieven, eerder dan vanuit effectieve ouderlijke verantwoordelijkheid en kindveiligheid.
Wij pleiten voor een structurele samenwerking tussen rechtsdomeinen, onder meer via de oprichting van gespecialiseerde kamers of overlegstructuren die bruggen slaan tussen familie- en strafrecht. Geweld binnen het gezin kan niet losgekoppeld worden van de impact op het kind. Het erkennen van deze samenhang is essentieel om tot rechtvaardige en beschermende beslissingen te komen. Stilte tegenover geweld staat gelijk aan het in stand houden ervan.
Wij ijveren voor de opleiding en sensibilisering van magistraten en betrokken professionals in methodieken die veiligheid centraal stellen, waaronder het SIO-model (Strategisch Individueel Ouderschap). Dit model biedt een noodzakelijk kader om het onderscheid te maken tussen formeel en feitelijk ouderschap, risico’s en veiligheid correct in te schatten, en beslissingen te nemen die werkelijk in het belang van het kind zijn.
Wij vragen ook aandacht voor het instrumenteel gebruik van verblijfsregelingen — bijvoorbeeld wanneer co-ouderschap wordt ingezet om financiële verplichtingen te vermijden of controle te behouden over de andere ouder, zonder dat dit strookt met het welzijn van het kind.
Onze vzw engageert zich actief in dialoog met beleidsmakers en ministers om te komen tot concrete wetsvoorstellen en structurele hervormingen. Hervormingen die de positie van het kind versterken, geweld in al zijn vormen correct erkennen, en zorgen voor coherentie binnen de rechtspraak.
In België verliest gemiddeld om de twee weken een vrouw het leven door partnergeweld. De impact op kinderen die opgroeien in dergelijke contexten is nog omvangrijker en vaak onderbelicht. De familierechtbanken bestaan sinds 2014, maar de praktijk toont aan dat bepaalde uitgangspunten, zoals automatische gelijkwaardigheid in co-ouderschap, niet in alle contexten houdbaar zijn en herziening vragen.
Wij geloven dat duurzame verandering tijd vraagt, maar ook dat elke stap telt. Elke interventie, elk beleidsvoorstel en elke erkenning van kinderrechten draagt bij aan een fundamentele verschuiving richting veiligheid, rechtvaardigheid en herstel.
Onze vzw engageert zich om binnen het onderwijsveld bewustwording te creëren rond intrafamiliaal geweld en de impact ervan op kinderen en jongeren. Scholen vormen een cruciale context waarin signalen van onveiligheid, chronische stress en psychosociale belasting vaak voor het eerst zichtbaar worden.
Onze vzw engageert zich om binnen het onderwijsveld bewustwording te creëren rond intrafamiliaal geweld en de impact ervan op kinderen en jongeren. Scholen vormen een cruciale context waarin signalen van onveiligheid, chronische stress en psychosociale belasting vaak voor het eerst zichtbaar worden.
Wanneer ouders verwikkeld zijn in hoogconflictueuze of gewelddadige interactiepatronen, ontstaat voor het kind een complexe en vaak onveilige ontwikkelingscontext. De centrale vraag die zich dan stelt, is fundamenteel: wie bewaakt en vertegenwoordigt het perspectief en de rechten van het kind wanneer ouderlijke belangen botsen?
Kinderen die opgroeien in een context van intrafamiliaal geweld worden frequent blootgesteld aan chronische stress en hypervigilantie, verstoringen in emotieregulatie en concentratie, angst, somberheid of externaliserende gedragsproblemen, en loyaliteitsconflicten of parentificatie. Deze impact vertaalt zich vaak subtiel maar persistent in de schoolcontext, waar het kind probeert te functioneren ondanks een instabiele thuissituatie.
Leerkrachten en zorgprofessionals bevinden zich in een unieke positie om signalen op te vangen. Denk aan plotse gedragsveranderingen of terugval in functioneren, verhoogde waakzaamheid of schrikreacties, vermijdingsgedrag of sociaal isolement, herhaaldelijke vermoeidheid en concentratieproblemen, of een uitgesproken verantwoordelijkheidsgevoel dat niet leeftijdsadequaat is. Het correct interpreteren van deze signalen vraagt een traumasensitieve en contextbewuste benadering.
Het is essentieel dat onderwijsactoren niet in een afwachtende positie blijven. Een hardnekkige misvatting stelt dat hulp pas mogelijk is wanneer er sprake is van een stabiele thuissituatie. In realiteit leidt het aanhoudend conflict net tot een structureel uitstel van hulpverlening, waardoor kinderen langdurig zonder adequate ondersteuning blijven.
Scholen kunnen een beschermende en stabiliserende rol opnemen door een psychologisch veilige leeromgeving te creëren, signalen te erkennen en te benoemen zonder te problematiseren of te culpabiliseren, interne zorgstructuren en externe hulpverlening in te schakelen, en te fungeren als betekenisvolle steunfiguur in het leven van het kind.
Er is nood aan een laagdrempelig en gespecialiseerd hulpaanbod dat niet afhankelijk is van ouderlijke consensus of stabiliteit, maar vertrekt vanuit de rechten en noden van het kind zelf. Zolang ouderlijke conflicten blijven escaleren, blijft ook de ontwikkelingsveiligheid van het kind onder druk staan. Juist in deze context is het van cruciaal belang dat externe actoren, waaronder scholen, hun rol opnemen als signalerende, ondersteunende en beschermende factor.
Observeer veranderingen in het gedrag, de emoties en het functioneren van het kind. Noteer signalen feitelijk en concreet, zonder interpretatie, maar met aandacht voor frequentie en context.
Creëer een psychologisch veilige ruimte voor het kind. Luister actief en zonder oordeel, vermijd ondervraging of druk, en benoem wat je ziet: “Ik merk dat je de laatste tijd stiller bent…”
Bespreek je observaties met de zorgcoördinator, leerlingbegeleider of directie. Werk vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid en vermijd individuele besluitvorming.
Maak een inschatting van de veiligheid en urgentie. Bij twijfel: consulteer externe diensten zoals het CLB, jeugdhulp of een hulplijn voor advies, zonder meteen te escaleren.
Bij acute onveiligheid volg je de meldplicht en contacteer je de bevoegde instanties. Bij aanhoudende zorg zet je in op begeleiding, opvolging en doorverwijzing. Vertrek steeds vanuit het kinderrechtenperspectief, ook wanneer ouders in conflict zijn.
Ga enkel in gesprek met ouders wanneer dit de veiligheid van het kind niet in het gedrang brengt. Houd het gesprek feitelijk en zorggericht, zonder partij te kiezen.
Voorzie opvolging binnen de school. Wees een consistente en betrouwbare volwassene voor het kind — dit is een cruciale beschermende factor.
Wij organiseren activiteiten zoals yoga, praatgroepen, individuele begeleiding en huiswerkondersteuning als onderdeel van een herstelgerichte aanpak waarin continuïteit, verbondenheid en stabiliteit centraal staan.
Ondersteuning stopt niet na een crisis. Ook na het verlaten van een gewelddadige context blijft opvolging essentieel om herstel duurzaam te verankeren. Voor kinderen in het bijzonder zijn voorspelbaarheid, structuur en sociale interactie cruciaal.
Zo bouwen we stap voor stap aan herstel: niet alleen individueel, maar samen.